Bewegen helpt je om te leren. Soms!

12 Aug

De afgelopen jaren werd reeds in diverse studies het positief effect van lichaamsbeweging aangetoond op het vermogen om te leren en onthouden.  Tot op heden was het echter nog niet zo duidelijk of het nu beter is om te bewegen voordat je iets moet leren of tijdens en/of het beter is om rustig of intensief te bewegen.  Twee recente studies (die ik ontdekte via @WardPlunet) werpen meer licht op de situatie.

In een studie uit 2013 onder leiding van Maren Schmidt-Kassow (Institute of Medical Psychology, Goethe University, Frankfurt am Main, Germany) werden 81 gezonde jonge vrouwen, elk met Duits als moedertaal, willekeurig ingedeeld in drie groepen. Elke deelnemer kreeg door een hoofdtelefoon gedurende dertig minuten een woordenreeks te horen met Duitse zelfstandige naamwoorden en hun Poolse equivalenten. Aan de vrouwen werd gevraagd om te trachten om het Poolse woord te onthouden.

De drie groepen kregen de woordenlijst onder verschillende omstandigheden te horen. De eerste kreeg de lijst te horen nadat ze gedurende een half uur rustig hadden stilgezeten. De tweede groep vrouwen werd gevraagd om eerst gedurende dertig minuten op een hometrainer aan een rustig te fietsen en vervolgens te gaan zitten om de woorden te beluisteren. De derde groep werd gevraagd om naar de woorden te luisteren terwijl ze op een matig tempo fietsten.

Twee dagen later werden de deelnemers getest op hun woordenschatkennis. Het goeie nieuws was dat iedereen wel enkele nieuwe woorden kon herinneren. De vrouwen uit de derde groep – die het fietsen hen instuderen hadden gecombineerd – behaalden de beste resultaten. De vrouwen uit de tweede groep scoorden slechts matig beter dan de groep zonder lichaamsbeweging.

Uit een tweede onderzoek dat werd uitgevoerd aan the American College Of Sports Medicine in Indianapolis blijkt evenwel dat we voorzichtig moeten zijn om overhaaste en verregaande conclusies te trekken. Ook daar werd aan 11 vrouwelijke studentes gevraagd om een hoofdstuk uit een handboek te lezen op twee verschillen momenten: terwijl ze rustig neerzaten en op een andere dag terwijl ze gedurende dertig minuten intensief trainden op een fitnesstoestel. Ze werden daarbij telkens onmiddellijk getest en nogmaals de volgende dag.

In de eerste test bleek de lichaamsbeweging een negatief effect te hebben. Hun scores waren lager in vergelijking met hun scores op de test nadat ze gewoon hadden neergezeten.  De kloof verdween echter wanneer ze de volgende dag opnieuw werden getest. Toen was er geen verschil meer vast te stellen.

Volgens Maren Schmidt-Kassow, die de studie in Duitsland leidde, lijkt het er dus op dat het moment waarop je beweegt en de intensiteit een invloed hebben op ons geheugen. In haar onderzoek bleek lichaamsbeweging tijdens het studeren een gunstige effect te hebben in vergelijking met lichaamsbeweging voorafgaand aan het studeren of helemaal geen lichaamsbeweging.  Volgens haar is het positieve effect waarschijnlijk gekoppeld is aan de relatieve ‘lichte’ inspanning. Dit lokt een lage maar waarneembare psychologische opwinding uit die het brein prikkelt om nieuwe informatie op te nemen en te consolideren in het geheugen. Wanneer de fysieke inspanning groter wordt, kan dit het brein en lichaam overstimuleren en alle aandacht opeisen waardoor er minder robuuste herinneringen kunnen worden gevormd. Dat is ook de reden waarom de testresultaten enkele dagen na de inspanning, wanneer de psychologische opwinding was verdwenen, beter waren.

Walter Bixby, een professor aan Elon University in North Carolina die de tweede studie leidde, vat de praktische implicaties van deze onderzoeken als volgt samen: ‘als je een binnen enkele uren een examen hebt ben je waarschijnlijk beter af als je stilzit en studeert maar als je examen de volgende dag is, kan het geen kwaad dat je studeert terwijl je sport’.

De abstracts van beide onderzoeken kun je hier terugvinden:

Physical Exercise during Encoding Improves Vocabulary Learning in Young Female Adults: A Neuroendocrinological Study, PLoS ONE 8(5): e64172. doi:10.1371/journal.pone.0064172
Schmidt-Kassow M, Deusser M, Thiel C, Otterbein S, Montag C, et al. (2013)

Abstract

Acute physical activity has been repeatedly shown to improve various cognitive functions. However, there have been no investigations comparing the effects of exercise during verbal encoding versus exercise prior to encoding on long-term memory performance. In this current psychoneuroendocrinological study we aim to test whether light to moderate ergometric bicycling during vocabulary encoding enhances subsequent recall compared to encoding during physical rest and encoding after being physically active. Furthermore, we examined the kinetics of brain-derived neurotrophic factor (BDNF) in serum which has been previously shown to correlate with learning performance. We also controlled for the BDNF val66met polymorphism. We found better vocabulary test performance for subjects that were physically active during the encoding phase compared to sedentary subjects. Post-hoc tests revealed that this effect was particularly present in initially low performers. BDNF in serum and BDNF genotype failed to account for the current result. Our data indicates that light to moderate simultaneous physical activity during encoding, but not prior to encoding, is beneficial for subsequent recall of new items.

EFFECTS OF ACUTE EXERCISE ON RETENTION AND LEARNING

Marissa R. Mastrocola (Walter R. Bixby) Exercise Science, Elon University, Elon, NC 27244

Reading while exercising is a very prominent occurrence on college campuses, yet little research has been done to examine the relationship between reading while exercising and learning. Although past research has shown a correlation between exercise and improvements in cognition, the majority of this research has not focused on learning while exercising. PURPOSE: To examine how reading during exercise affects retention and learning. METHODS: 11 female college students (mean age 20.0 +/- .78, BMI 23.01) read a chapter from a nutrition textbook during 2 separate 30 minutes sessions of elliptical exercise or sitting. Participants were asked to exercise at an intensity that corresponded to a 12-14 (moderate to hard) on a perceived exertion scale. After the session, participants completed a short exam on the reading and then returned 24 hours later to take a second exam on the material. Each exam consisted of 15 multiple choice and true/false questions. The order of exercise and sitting were counterbalanced and participants were randomly assigned one of three possible chapters for each session. RESULTS: A 2 (Day; exercise and sitting) x 2 (Time; post, 24 hours post) repeated measures ANOVA revealed a significant Day x Time interaction, F(1, 10) = 6.54, p = 0.03. Post hoc analysis revealed that participants did better immediately following the quiet rest (10.36) when compared to exercise (9.18); however, this difference dissipated 24 hours after exercise for sitting (9.0) and exercise (9.6). DISCUSSION: In this sample, it appears that reading while sitting quietly is superior to reading while exercising for performance immediately after the session. However, no difference exists between the two conditions 24 hours after the session. Thus, to improve performance on an exam that will be taken within the next hour, it appears that reading while sitting is superior to reading while exercising but if the exam is 24 hours later, there is no difference.

https://ncurdb.cur.org/ncur/search/Display_NCUR.aspx?id=71449

Advertisements

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: